Hongkong

#241 LUCKY CAT

Ook al is deze kat eigenlijk een Japans symbool, in Hongkong stonden de souvenirwinkels er vol mee. We namen er eentje mee die me nog iedere dag herinnert aan een hele leuke zomervakantie daar. En ik ben niet de enige. Eigenlijk kan niemand die bij onze voordeur aanbelt er omheen, aangezien het ding daar pontificaal voor het raam met z’n handjes staat te wapperen. Het beestje zou voor geluk zorgen, maar tot nu toe ben ik er niet gelukkiger van geworden. Al komt dit waarschijnlijk door het feit dat ik voorheen ook al heel gelukkig was. Of omdat ik allergisch ben voor katten, dat zou ook nog kunnen. We namen er nog eentje mee voor iemand anders, maar ook hij heeft er nog niets van gemerkt. ‘Misschien moet je ‘m even de tijd geven,’ zei ik tegen hem. Als je dan over tien jaar de loterij wint, kan je zeggen: ‘Ja, zie je wel, toch die kat.’

#202 BYE BYE HONGKONG

Vandaag was onze laatste dag in Hongkong. In twee weken heb ik van alles gezien: stad, strand, bergen, een heleboel winkels en Chinezen en nog een hoop andere dingen waar ik me over verbaasd heb, om gelachen heb of van heb genoten. Een paar dingen die ik niet zal vergeten. Hoe enorm schattig de meeste Chinese kindjes zijn. Mart en ik keken ’s avonds nog even tv, meestal National Geographic – het was of dat, of het nieuws, of een Chinese film. Tussen de haaienvangers en dog whisperer’s door was er een heel schattig Chineesje te zien. In een reclame van een bank werd er aan kinderen gevraagd wat ze later gingen doen met hun geld. Een lief chubby jongetje kwam in beeld, en hij zei: ‘Save it. And buy bubblegum.’ De enorme hoeveelheid hoge flats die er waren verbaasde me, zo groot en zo hoog dat er makkelijk een hele woonwijk in zou passen. Sommigen waren nieuw, maar de meesten al redelijk vervallen. De buitenkant van zo’n flat was behangen met airco’s, satelieten en de was. Goed vastegemaakt hoop ik, want als je onderbroek van de 60ste verdieping naar beneden valt durf ik te betwijfelen of je ‘m nog terugvindt. Tenslotte de lift die in drie talen aangaf op welke verdieping je was: ‘shoekolau, twentyfifth floor, shakaalau.’ Of: ‘leshensomsoysom, doors are closing’. Mijn Chinees is nog steeds net zo goed als het Engels van vele taxichauffeurs, maar als ik ooit naar de vijfentwintigste verdieping moet weet ik als geen ander hoe je dat moet zeggen.

#200 DELICACIES, MEDICINES AND HOME DECORATION

Zoals in Nederland in ieder dorp wel tien kappers lijken te zijn, zo is er in Hongkong in bijna iedere straat wel een… tsja, wat is het eigenlijk? Laat me het omschrijven. Al deze winkeltjes zijn op dezelfde manier opgebouwd. De rechterkant van zo’n winkel ligt vol met gedroogde dingen. Wat het geweest is kan je niet meer zien en ook de bordjes met Chinese omschrijvingen helpen niet echt. Ik denk dat ze eigenlijk alles wel indrogen, van zeewierbladeren tot inktvispootjes en apenhersenen. Al deze lekkernijen, medicijnen en huisdecoraties – geen idee waar men het voor gebruikt – worden in potten, zakjes en op bergen uitgestald, compleet met snoepschepjes om je eigen melange samen te stellen. De linkerkant van de winkel staat vol met kartonnen doosjes en potten in alle kleuren van de regenboog. Ik denk dat hierin theebladeren zitten vol genezende krachten, maar misschien ook wel haaienvinnen- of neushoornpoeder. Zeker weten zal ik het nooit.

#199 ONE MORE TIME

Nog één keertje het uitzicht, nu vanaf de 49ste verdieping van een gebouw op Hongkong Island. Het gebouw aan de overkant doet mee aan de lichtshow die elke avond om acht uur plaatsvindt. Gebouwen lichten dan op in allerlei kleuren, lasers flitsen door de lucht en er schijnt ook nog muziek te zijn, al heb ik die nog nooit gehoord. Klinkt behoorlijk spectaculair,maar wij vonden het best wel meevallen omdat het uitzicht, met al die honderden lichtjes, altijd al prachtig is. Op een foto is dat eigenlijk niet vast te leggen, maar ik doe toch maar een poging zodat ik niet zal vergeten hoe mooi het in het echt was.

#198 CHEUNG CHAU

Vandaag namen we de boot naar het kleine eiland Cheung Chau. We huurden een soort riksja’s met een rare afwijking, namelijk dat ze vrijwel onbestuurbaar waren. Nou heb ik het geluk dat Mart wel in is voor dat soort dingen, en ik dus op het bankje mocht zitten en als een soort prinses werd rondgereden. Wel voelde ik me een beetje schuldig, want het was zoals gewoonlijk nogal warm. Ik bood aan dat ik even een stukje zou fietsen. Nou, dus niet hè. Na tien meter knalde ik al bijna tegen een muur aan, dus toen de zee in zicht kwam besloot Mart om ons een natte ervaring te besparen. En zo mocht ik weer achterop. We reden door straatjes waar denk ik niemand het bestaan vanaf wist, behalve de oude mannetjes die tandloos voor hun huisjes zaten, de was boven hun hoofd aan het balkon. We stopten bij een klein tempeltje, de Pak Taitempel genaamd, die gewijd is aan (suprise!) Pak Tai. Hij heeft het eiland behoed voor de pest. We liepen door de vismarkt waar je een vis kon aanwijzen en dan spartelend in een zakje meekreeg. We zijn niet meer langs de achtbare baniaanboom gekomen (en nee dat is geen typefout, het is geen bananenboom!), maar ach, dan hebben we een goede reden om nog een keer terug te gaan.

Meer foto’s op de Hongkong pagina!

#196 THE HELP

Als ik hier over straat loop val ik behoorlijk op tussen alle Chinezen. Veel van hen zijn ook gewoon toeristen denk ik, maar zij gaan moeiteloos op in de menigte met een uiterlijk dat niets verschilt van een Hongkonger. Toch weet ik, dankzij een gezellige avond met Fer en Monique, iets meer dan de gemiddelde toerist en dat vind ik erg leuk. Omdat je dan langs de IKEA rijdt (ja, die hebben ze hier ook) en weet dat er binnen tientallen mensen liggen te slapen op MALM bedden en KLIPPAN banken. Het is er tenslotte comfortabeler dan thuis. Als je daadwerkelijk van plan was zo’n bed of bank te kopen is het niet zo prettig – kijken of iets lekker zit, is er niet bij.

Ook toen ik vandaag het metrostation uitkwam wist ik dat het geen toeval was dat vele vrouwen zich daar ophielden op de trappen. In Hongkong is het heel normaal om een hulp in de huishouding te hebben die 24/7 voor je klaarstaat. Of eigenlijk 24/6. Ze doen namelijk van alles: de was, schoonmaken, kinderen opvoeden en koken, maar op zondag zijn ze vrij. Dan verzamelen ze zich in parken, trappen dus, soms worden er zelfs straten afgezet waar ze met elkaar kunnen kletsen, spelletjes kunnen spelen, een tijdschrift lezen, kortom: hun vrije dag doorbrengen.

#195 HONGKONG AS I THOUGHT IT WOULD BE

Ik had Hongkong veel primitiever verwacht dan het is. In tegenstelling tot wat ik dacht is het grootste gedeelte van de stad heel ruim, schoon en modern, met vele chique winkels en restaurants. Maar al sta je in een dure winkelstraat, sla één hoek om en je kan in een totaal andere wereld beland zijn, net zoals wij vandaag. Een kleine selectie aan wat er zoal te zien viel: vele exotische fruit en groentesoorten. Vrouwen die het fruit en de groenten in hun kraam water geven. Oude Chinese vrouwtjes die je slaan als je in de weg staat – ik schrok me helemaal kapot! Ze was klein en sloeg niet hard, maar ze keek zo ongelooflijk lelijk dat ik maar snel door ben gelopen. Hele kippen, eenden en onbekende dieren, op hun kop ‘in de etalage’. Vissen, dood of levend. En boven dit hele spektakel bevonden zich talloze winkeltjes en de reclame hiervoor (‘Shing Hang Shui Antiek: Hollywood Road, gebouwtje drie-en-een-half, vijf hoog achter’). Zo klein dat je denkt: ‘Nee, hier is niets meer.’ En dan doe je een deur open en blijkt er toch nog een mini ruimte achter te zitten waar talloze antieke beeldjes, kasten, mammoettanden en sieraden zijn opgeslagen, zo dat je nog net kan lopen, maar wel je adem moet inhouden om niets om te stoten. ‘Meestal is het netter hoor’, zei de winkeleigenaresse. ‘Dus let maar niet op de rommel.’

#194 BIG BUDDHA

We blijven de hoogtes opzoeken: vandaag stapten we in een kabelbaan die ons naar Ngong Ping bracht. Dit dorpje op Lantau staat bekend om zijn gigantische buddha, waar vanaf 1976 zeventien jaar aan gewerkt is. Vanuit ons karretje zagen we dat er nog een andere weg was om naar de Buddha te komen: een smal kronkelpad afgewisseld met steile trappen, recht door de groene heuvels. Niet dat er iemand liep: zelfs de monnik op weg naar zijn tempel – compleet met kaal hoofd en geel gewaad – nam gewoon de kabelbaan.Eenmaal boven aangekomen bleek het dorpje een beetje verpest voor toeristen. Dit betekent cheesy toeristenfoto’s, vele souvenirwinkels, en een Subway. Maar goed, het betekende ook een ijskraam (die was erg welkom. Heb ik al vermeld dat het hier altijd dertig graden is?). Die foto hebben we ook maar gekocht, want hoe vaak komt het nou voor dat iedereen er leuk op staat?  Tweehonderdzestig treden later stonden we aan de voet van de buddha, die erg indrukwekkend was, toeristisch of niet. Mensen kwamen er om iemand te gedenken, om buddha te fotograferen, bekijken of misschien wel vereren. Een man vroeg zijn vrouw ten huwelijk. Ze zei ja, en hij had ook nog buddha’s zegen.

#193 DIFFERENT POINT OF VIEW

Eerst kregen we wat instructies: maak altijd je gordel vast, zwemvesten onder de stoel en niet meer zwaaien als de rotor draait – dan ben je je hand kwijt. We lieten ons vastleggen voor de helicopter, stapten in en daar gingen we. ‘Psgssgt heli 15376 to Hongkong South over psssggt.’ klonk er door mijn headset. We vlogen over vele gebouwen in de stad, vele schepen in de haven en vele eilandjes, oprijzend uit het water en compleet bedekt met groene bossen. We zagen plekken waar we geweest zijn; stranden, eilandjes en wegen die er toch weer heel anders uitzien vanuit een ander gezichtspunt. Ik had ook nog geluk met het beste gezichstpunt: ik mocht namelijk voorin naast de piloot zitten. Omdat met elkaar praten niet echt een optie is in een helicopter, keek ik af en toe maar even met een brede smile naar achteren om te laten merken dat ik het heel gaaf vond.

Meer foto’s op de Hongkong pagina!