Dubai

#209 HEAT

DSC00415

Tijdens zomers in Dubai leef je van airco naar airco. Warmte is fijn, temperaturen boven de veertig graden niet – dat is hitte. Verzengende hitte die, in combinatie met de felle zonnestralen, ervoor zorgt dat je een ei kan bakken op een motorkap en dat je het liefst zo snel mogelijk weer naar binnen wilt. Hoe stralend blauw de lucht ook is.

Die hitte hing niet alleen in de lucht, zo bleek vandaag. We gingen zwemmen in de zee. Het was nog vroeg, de zon had nog niet de kans gehad om alles te beschijnen met haar warme stralen. Ik liep het water in, voorzichtig, verwachtend dat mijn tenen zouden terugschrikken van de kou. Dat was niet het geval. Het water was niet koud. Het water was niet lauw. Het was warm – alsof je in een pas volgelopen bad stapte. Je kon nog niet zinken al wilde je het graag, zo zout was het water. Ik kon op mijn rug in de zee drijven, alsof ik op een luchtbedje lag, zonder daadwerkelijk een luchtbedje nodig te hebben. Met mijn hoofd achterover hoorde ik de onderstroom en het tikkelen van de schelpen. Dat geluid, daar wil ik wel een cd’tje vol van.

(Dit hierboven is niet de zee, overigens. Het is een fontein. Daar vaart inderdaad een bootje in. Want dit is Dubai en daar kan dat. Het verbaast me niet eens meer, dat zegt genoeg, toch?)

#208 ALL THAT GLITTERS AIN’T GOLD

DSC00411

Java was uitgestorven toen we vertrokken. De wegen waren besneeuwd met wit papier. ‘Firecrackers’, sprak de bestuurder van het busje, ‘vanwege het einde van de ramadan.’ Die mensen moeten wel de hele nacht fire hebben staan cracken, bedacht ik me, of gewoon dozen vol papiersnippers hebben opgeblazen: op sommige plaatsen was de straat nauwelijks nog te zien. De uitdrukking ‘geen kip op de weg’ was wel en niet toepasselijk: vrijwel niemand te bekennen, afgezien van een paar kippen. In Dubai wachtte ons een groot contrast. Wolkenkrabbers in plaats van huisjes. Geen rijstvelden, maar watervallen, fonteinen en aquaria. Geen scooters maar ferrari’s, niet vasten maar eten. Geen regenwoud maar felgroene grasvelden, midden in de woestijn.

Djokjazilver maakte plaats voor klatergoud.

#203 BUTTERFLIES

Tijdens de vlucht naar Hongkong maakten we al een tussenstop in Dubai, maar omdat het nacht was heb ik niet meer van de stad gezien dan een hoop lichtjes in de verte. En ook vandaag gingen we Dubai niet verkennen: eerst reden we naar Abu Dhabi, ongeveer drie kwartier hier vandaan. Mart en papa gingen daar naar Ferrari World, waar de snelste achtbaan ter wereld staat – van nul naar 240 in vier seconden, mocht je het willen weten. Er zijn mensen die daar heel opgewonden van worden, ik word er vooral heel misselijk van denk ik, dus ik paste, net als mama. Wij deden een kleine sightseeing tour langs de grootste moskee ter wereld, de Sjeik Zayed-moskee, en het Emirats Palace. Het laatste is een enorm paleis voor alle emiraten, maar omdat de sjeiks er maar eens per jaar zijn wordt het gebruikt als hotel. Het zou toch zonde zijn om die 394 kamers leeg te laten staan. Vervolgens bezochten we een mall omdat we die nog niet genoeg gezien hadden. De mall zelf was niet speciaal, maar ik keek alsnog mijn ogen uit. Er waren vooral veel Arabieren: mannen in witte gewaden, vrouwen in het zwart (ik denk tenminste dat het vrouwen waren, ik kon het niet aan ze zien). Toen de mannen hun portie adrenaline gehad hadden reden we terug naar Dubai, waar we een winkelcentrum anex aquarium anex schaatsbaan bezochten. Het aquarium was prachtig: meters hoge glazen wanden waar roggen langsgleden, en een tunnel waar je onderdoor kon lopen zodat de haaien over je hoofd zwommen. Opweg naar de uitgang kwamen we deze vlinders tegen, die niet echt waren maar wel echt heel mooi.

#186 TIME FLIES

We stapten het vliegtuig uit, recht de sauna in die Dubai heet. Van bovenaf zag het centrum er levendig uit, met vele lichtjes die de pikdonkere nacht in schenen. Eromheen was er door de duisternis echter niets te zien. In het daglicht waarschijnlijk ook niets dan zand, maar dat even terzijde. Het vliegveld bleek net zo verlaten. Vanaf bovenaan de roltrappen keken we uit over een immens grote hal met een waterval bij de liften, vele incheckbalies, een paar medewerkers en verder… niemand. Het verbaasde me niet echt, aangezien het één uur ’s nachts was, local time.
We sloegen een hoek om en plots was de stilte voorbij. Honderden mensen liepen door de gang van Dubai Airport. Alles was open – ook al was het midden in de nacht – en daar maakte iedereen volop gebruik van. Je kon het zo gek niet bedenken of het was te koop. Dingen die op de meeste vliegvelden wel te vinden zijn: parfum, cosmetica en eten bijvoorbeeld. Maar mocht je graag een 22 karaats goudstaaf willen kopen, dan kon dat ook. Of een kameel op ware grootte. Dan leverden ze hem ook nog thuis voor je af. Redelijk overdonderd door dit alles en daarnaast nogal brak van de vlucht, vergat ik bijna een foto te maken. Ik keek op mijn horloge: vijf voor twaalf. Ja, de tijd vliegt. Zeker als je er letterlijk tegenin vliegt. In Dubai was het inmiddels al twee uur ’s nachts, de volgende dag was al begonnen… Dan had ik mijn foto gemist! Maar wat geldt er als je op één dag in twee tijdzones komt? Aangezien het mijn project is bepaal ik dat natuurlijk zelf, en laat ik gewoon gelden wat mij het beste uitkomt.